Primeur van de saxofoon in de Duyschot serie! – Ebonit Saxofoonkwartet!

Ebonit saxofoon kwartet

Het Ebonit Saxofoonkwartet is een jong en sprankelend ensemble, bestaande uit Simone Müller (Duitsland), Dineke Nauta (Nederland), Johannes Pfeuffer (Duitsland) en Paulina Marta Kulesza (Polen). Deze jonge musici hebben samen een breed en verrassend repertoire opgebouwd, dat zeker niet alledaags is voor de saxofoon. Verwacht u dus geen jazzconcert, maar een mix van oude en moderne klassieke muziek. De saxofoon blijkt zich ook voor oude muziek heel goed te lenen. Door dit bijzondere repertoire en de fraaie uitvoering raakte het Ebonit Saxofoonkwartet snel bekend en traden zij al op in een aantal prominente concertzalen in Nederland, waaronder het Concertgebouw en het Muziekgebouw aan `t IJ in Amsterdam. Hun debuut CD “The Last Words of Christ” met muziek van Haydn, Webern, Sibelius en Sjostakovitsj verscheen in februari 2016 en werd genomineerd voor een Edison Klassiek 2016 in de categorie “Het Debuut”. Mis deze primeur niet!

Ebonit saxofoon kwartet

Het Ebonit Saxofoonkwartet is een jong en sprankelend ensemble, bestaande uit Simone Müller (Duitsland), Dineke Nauta (Nederland), Johannes Pfeuffer (Duitsland) en Paulina Marta Kulesza (Polen). Deze jonge musici hebben samen een breed en verrassend repertoire opgebouwd, dat zeker niet alledaags is voor de saxofoon. Verwacht u dus geen jazzconcert, maar een mix van oude en moderne klassieke muziek. De saxofoon blijkt zich ook voor oude muziek heel goed te lenen. Door dit bijzondere repertoire en de fraaie uitvoering raakte het Ebonit Saxofoonkwartet snel bekend en traden zij al op in een aantal prominente concertzalen in Nederland, waaronder het Concertgebouw en het Muziekgebouw aan `t IJ in Amsterdam. Hun debuut CD “The Last Words of Christ” met muziek van Haydn, Webern, Sibelius en Sjostakovitsj verscheen in februari 2016 en werd genomineerd voor een Edison Klassiek 2016 in de categorie “Het Debuut”. Mis deze primeur niet! M Lees verder…

    Concertverslag Zaterdag 7 oktober 2017 – Francine van der Heijden & Bart van Oort – Schubertiade

    Francine van der Heijden & Bart van Oort

    Zaterdagmiddag 7 oktober 2017…buiten is het nu echt herfst, met stormvlagen en flinke regenbuien. Maar wij zitten warm binnen, om te luisteren naar de sopraan Francine van der Heijden met begeleiding door Bart van Oort op fortepiano. Samen brengen zij een aantal liederen van Schubert ten gehore, op teksten van Goethe. Het publiek bestaat niet alleen uit volwassenen; er zijn ook veel kinderen aanwezig. De week ervoor was ik in Wenen en daar bezocht ik het geboortehuis van Franz Schubert in de Nuβdorferstrasse. Schubert woonde daar met zijn ouders en zijn 11 broertjes en zusjes in één kamer. (Na Franz werden er nog 7 kinderen geboren…..) Ik stond in die kamer en probeerde me voor te stellen hoe dat geweest moet zijn; te weinig ruimte, te veel lawaai, de kou, de armoede. En dat terwijl Schuberts vader onderwijzer was, toch een heel ordentelijk beroep. Schubert heeft zijn hele leven geleden onder een schrijnende armoede, onvoldoende eten en gebrek aan warme kleding. In het museum ligt een briefje, waarin de 31-jarige Schubert aan een vriend vertelt dat hij ziek is, het bed niet uit kan, geen eten of drinken verdraagt en zich verveelt. Hij heeft net “De laatste der Mohikanen” uit, zo schrijft hij. Heeft de vriend misschien een ander boek te leen? Al snel bleek dat Schubert tyfus had, waaraan hij op 19 november 1828 overleed.

    Francine van der Heijden & Bart van Oort

    Zaterdagmiddag 7 oktober 2017…buiten is het nu echt herfst, met stormvlagen en flinke regenbuien. Maar wij zitten warm binnen, om te luisteren naar de sopraan Francine van der Heijden met begeleiding door Bart van Oort op fortepiano. Samen brengen zij een aantal liederen van Schubert ten gehore, op teksten van Goethe. Het publiek bestaat niet alleen uit volwassenen; er zijn ook veel kinderen aanwezig. De week ervoor was ik in Wenen en daar bezocht ik het geboortehuis van Franz Schubert in de Nuβdorferstrasse. Schubert woonde daar met zijn ouders en zijn 11 broertjes en zusjes in één kamer. (Na Franz werden er nog 7 kinderen geboren…..) Ik stond in die kamer en probeerde me voor te stellen hoe dat geweest moet zijn; te weinig ruimte, te veel lawaai, de kou, de armoede. En dat terwijl Schuberts vader onderwijzer was, toch een heel ordentelijk beroep. Schubert heeft zijn hele leven geleden onder een schrijnende armoede, onvoldoende eten en gebrek aan warme kleding. In het museum ligt een briefje, waarin de 31-jarige Schubert aan een vriend vertelt dat hij ziek is, het bed niet uit kan, geen eten of drinken verdraagt en zich verveelt. Hij heeft net “De laatste der Mohikanen” uit, zo schrijft hij. Heeft de vriend misschien een ander boek te leen? Al snel bleek dat Schubert tyfus had, waaraan hij op 19 november 1828 overleed. M Lees verder…

      La Cicala in concert – “Napels 1759” – Stichting Duyschot Concerten – zaterdag 8 april 2017 – 16:00 uur

      La Cicala
      Na een opmerkelijk hoogtepunt in zijn repertoire in de jaren 1720 en ’30, kwam de blokfluit in het midden van de achttiende eeuw minder in de belangstelling. Een belangrijk referentiepunt, de laatste publicatie van G. Ph. Telemann voor de blokfluit was in 1740. Maar hier en daar werd het instrument toch in het land der levenden gehouden: C. Ph. E. Bach schreef zijn triosonate Wq. 163 (gedateerd 1755) voor de merkwaardige combinatie van basblokfluit, altviool en continuo; J. J. Quantz acht zijn Op. 2 duo (gepubliceerd in 1759) ook geschikt voor de blokfluit; zelfs C.M. von Weber nam blokfluiten op in “Empfanget hier des Vaters Sagen” (van “Peter Schmoll und seine Nachbarn”, geschreven in 1801-2).

      La Cicala
      Na een opmerkelijk hoogtepunt in zijn repertoire in de jaren 1720 en ’30, kwam de blokfluit in het midden van de achttiende eeuw minder in de belangstelling. Een belangrijk referentiepunt, de laatste publicatie van G. Ph. Telemann voor de blokfluit was in 1740. Maar hier en daar werd het instrument toch in het land der levenden gehouden: C. Ph. E. Bach schreef zijn triosonate Wq. 163 (gedateerd 1755) voor de merkwaardige combinatie van basblokfluit, altviool en continuo; J. J. Quantz acht zijn Op. 2 duo (gepubliceerd in 1759) ook geschikt voor de blokfluit; zelfs C.M. von Weber nam blokfluiten op in “Empfanget hier des Vaters Sagen” (van “Peter Schmoll und seine Nachbarn”, geschreven in 1801-2).

      M Lees verder…